Het online magazine voor eigenwijze muziek

Squid en Bull stralen in Roodkapje

Tekst: Wim du Mortier
Foto’s: Bente van der Zalm

Ollie Judge steekt tot drie keer toe zijn drumstokken de lucht in…. en bedenkt zich dan. Hij trekt zijn rug hol, zet zich als het ware schrap, steekt de stokken nog een keer de lucht in, en na een snelle roffel op zijn snare valt de band als een geoliede machine in. Daar gaat Squid weer, in straf tempo op weg naar wie weet waar in hun doolhoven van composities.
De reputatie van de vijf knullen uit Brighton was ze al vooruitgesneld en dus is iedereen die in Rotterdam pretendeert iets van nieuwe avontuurlijke muziek af te weten present in Roodkapje. De verwachtingen zijn hooggespannen. Het netwerk van zalen in Rotterdam die met elkaar samenwerken is weer verrijkt; Rotown en Roodkapje brengen vanavond de Britse avant garde Squid en Bull als eerste vrucht van hun prille liefde. Dat had een slechtere aftrap kunnen zijn…

Het kleine podium is overvol met vijf Britten en een heleboel instrumenten. Wat Squid-gitarist Anton Pearson aan den lijve ervaart als hij zijn kop stevig stoot aan de bas van zijn buurman. Er wordt om gelachen door de band. Ze bedanken de mensen in de eveneens bomvolle zaal dat ze gekomen zijn en dat ze het leuk vinden dat het vanavond is uitverkocht. Het tekent de charmante bescheidenheid van de Britten die afgelopen zomer op tal van grote festivals heel wat meer mensen voor hun neus hebben gehad. Ze gaan over de tong als ‘the one to watch’, maar die hype is ze nog niet naar het hoofd gestegen. Ook in een van Rotterdams kleinste zaaltjes komen ze vanavond om plezier te maken en je ziet ze genieten van het samen spelen en de enthousiaste reacties uit het publiek. Frisse band, fijne jongens.

Squid, is de hype gerechtvaardigd? De band uit Brighton bracht onlangs een eerste ep uit waarop ze nog wat zoekende lijken. Punkfunk en strakke indie wordt afgewisseld met sferische soundscape-achtige stukken. Leidraad zijn de rare wendingen in de lange nummers; alsof ze geen keuze kunnen maken uit een overvloed aan ideeën. Maar na vanavond in Roodkapje begin je ze beter te begrijpen. Live blijkt die tegenstelling in stijlen niet zo scherp, maar blijken het twee kanten die op elkaar aansluiten in de sprookjesachtige wereld van Squid.

Het repertoire van de band is nog niet zo uitgebreid en dus komt vanavond alles langs wat we van ze kennen van de ep en Youtube. ‘The Cleaner’ natuurlijk, waarvan de hoofdelementen wel heel erg lijken op LCD Soundsystem. Ware het niet dat in het nummer uitstapjes worden gemaakt naar meer sferische stukken tot en met noise aan toe. In nummers als deze is de rol van drummer en zanger Ollie Judge erg belangrijk. Als hij zijn rauwe strot inzet, helpt dat nummers als vanzelf naar een climax. Maar onderschat zijn simpele maar stuwende drumwerk niet; dat geeft de band een ultiem dansbare energie. Nota bene in een lied over een potplant horen we de ruwe ongepolijste versie van Squid. In ‘Houseplant’ schakelt de band verschillende keren over naar ogenschijnlijk dromerige jams, structuurloos, zonder ritme. Daar zien we Judge verschillende malen aarzelen over het moment waarop hij het ritme weer zal oppakken. En op dat moment valt het kwartje waar deze band naar lijkt te zoeken: de clash tussen strakke dansbare gestructureerde elementen en bedwelmende kleurrijke uitstapjes die de indruk wekken dat je lsd hebt geslikt. En live komt dat vooralsnog beter uit de verf dan op de plaat.
Squid pakt Roodkapje moeiteloos in met een gedreven optreden waar het plezier vanaf spat. Is de hype gerechtvaardigd? Ja, zeggen we na vanavond. Nu alleen nog goeie nummers schrijven, een beetje darlings de nek omdraaien en die spanning in hun werk overtuigend weten vast te leggen.

Aangename aanvulling op het hoofdprogramma is vanavond Bull uit York. Gitaarpop, but not as we know it. De Britten mengen hun werk met een aangename dosis humor en een vette toef krankzinnigheid. Zachte stukken worden bijvoorbeeld onderbroken door kort keihard uit te halen, om dan weer doodgemoedereerd zachtjes door te pruttelen. Er gebeuren steeds rare en onverwachte dingen in de liedjes van Bull. En dat maakt het tot een hartstikke leuk en boeiend bandje. Ook leuk om naar te kijken trouwens, want ze lijken zo weggelopen uit een filmset van de Coen Brothers: allemaal eigenaardige kapsels. En ook deze groep blinkt uit in een vrolijke uitstraling op het podium; je gaat er bijna van geloven dat het alleen maar leuk is om in een bandje te spelen. Of ze gezien de gekkigheid in hun muziek toevallig iets hebben met Pavement? Ja nou en of, roepen ze na afloop enthousiast uit. En ze vertellen met trots dat Stephen Malkmus hun single in zijn radioprogramma heeft gedraaid én dat ze gaan touren met Spiral Stairs van Scott Kannberg, die andere gitarist van Pavement.

Verder Bericht

Vorige Bericht

Laat een reactie achter

© 2019 CHAOS Music Magazine

Thema door Anders Norén