Het online magazine voor eigenwijze muziek

LVE en Wardrobe: we zijn twee bands in eenzelfde schuitje

Tekst: Gerrit Van Dyck en Johan Verkist
Foto’s: Hans De Prins

Vrijdag 4 oktober spelen twee Belgische ‘Best-Kept-Indie-Secrets’ een unieke double-bill in Steck in Delft: The LVE en Wardrobe. Wij lieten de twee frontmannen, Gerrit Van Dyck en Johan Verckist, elkaar interviewen. Zo heb je in Steck alvast het gevoel dat je de heren al heel je leven kent! 

VPRO tipt The LVE als niet te missen live band, de Britse Zombies tweeten over de sympathieke Belgen en hun single ‘Love When You Don’t Want It’ overtuigde pers en radio in de Benelux. Het Wardrobe van Johan Verckist schoof hun single ’24 weeks’ in een Netflix-reeks en in de playlists van 3FM en Stubru, covert en speelt de support van Paul Young en werkte voor de laatste plaat samen met leden van Balthazar en Portland. Hoog tijd om Gerrit en Johan beter te leren kennen, dus. We geven het woord aan de jongens. 

Gerrit: We zitten in eenzelfde schuitje, Johan. We trekken elk een indie-band, tekenen bij een Nederlands label, wonen in Antwerpen en zijn allebei razend knap en tegelijk bescheiden. Grappig dat we elkaar pas het voorbije jaar écht beter leerden kennen.
Johan: Inderdaad ja. Toevallig dat wij net voor onze Eurosonic-show in Groningen een vervanger voor onze multi-instrumentalist Arne Leurentop nodig hadden. Jij liet me weten een van mijn nummers tof te vinden, en ik kopte meteen binnen met jou de vervanging aan te smeren. Zonder te zeggen dat het een show in het verre Groningen zou zijn, haha!
Gerrit: Yep! Gelukkig schepte die show 1.000 de man, dat maakt veel goed. Ik moet zeggen dat ik dat fijn vind, af en toe vervangen bij jullie. Als frontman ben je meestal de trekker in de band. En dan schrijf je songs, je zoekt repetitiedata, je doet de mailtjes, social media, bent in contact met je label en booker, denkt na over singles, clips, foto’s, je doet de interviews. Elke dag doe je wel wat. Stiekem had ik al lang zin om nog eens gewoon te spelen, lekker gitaar spelen in een band met goeie nummers en een sterke bezetting. En op coole plekken.
Johan: Ook voor ons is dat mooi meegenomen, een geroutineerde vervanger. Arne is een druk bezet muzikant en speelt momenteel ook veel met zijn band – And They Spoke In Anthems. In onze wereld moet je alle kansen grijpen – het is dus wel gemakkelijk als er een kerel klaarstaat om in te vallen.
Gerrit: Al is dat geen evidentie om voor zo’n virtuoos als Arne in te vallen. Ik was daar best zenuwachtig voor. Ik heb er dus maar snel mijn eigen ding van gemaakt. Allez, snel. Zo snel ging dat niet. (lacht)

Gek dat er zo lang een muur tussen Vlaanderen en Nederland leek te staan
Johan: En nu een eerste double-bill met onze eigen bands, in Steck. Ik heb daar al goeie dingen over gehoord. Sinds we bij een Nederlands label zitten (Dox Records, nvdr) spelen we vaak in Nederland. Gek dat er zo lang een muur tussen Vlaanderen en Nederland leek te staan. Maar we merken dat de Nederlanders ons graag zien komen. Ook de Nederlandse scene lijkt wat alternatiever geworden, met acts als Luwten, Kim Janssen, Eefje De Visser, Jamaszoo, Yin Yin en Pip Blom… Heel cool. Om nog maar te zwijgen over hun festivals: Amsterdamse Bos, Into The Great Wide Open, Best Kept Secret, Eurosonic… 
Gerrit: Inderdaad. De tijd dat Kane en Xander De Buisonjé de plak zwaaiden, lijkt voorbij. Vroeger vond ik – terecht of onterecht – toch vaak dat Nederlandse bands meesterlijk hun instrument bespeelden, maar altijd als een coverband klonken. Zelfs al speelden ze hun eigen nummers. Anno 2019 is de Nederlandse scene heel boeiend. Ik vind het trouwens ook fijn om, door op te treden, Nederlandse stadjes te ontdekken. Wij vertrekken vaak al vroeger, om onze show te combineren met wat city trippin’. Onze drummer is zwaar verslaafd aan koffiebars en zoekt dan al op voorhand op waar hij een bakje wil gaan checken. We speelden vrij recent nog een radioshow in Gouda – echt een verrassend stadje. Of Scheveningen – heerlijk – een setje spelen en daarna mosselen gaan eten in de duinen. Dan voel ik me echt gefortuneerd als muzikant. 
Johan: Wij komen ook graag over de grens. Nederland heeft ook zalige clubs. In Mezz speelden we een van onze beste shows. En hoe cool is die plek? Ook wij zijn fans.

Gerrit: Hoe zit het met jullie plannen eigenlijk? Jullie zijn dus nu het huidige album aan het spelen, maar ik veronderstel dat een bezige bij als jij al lang met nieuwe dingen bezig is?
Johan: Haha, schurk! Ik ben iemand die erg veel songs schrijft voor ik aan een nieuwe plaat begin. Meestal moet ik een veertigtal demo’s hebben vooraleer ik het gevoel heb dat we klaar zijn voor een nieuwe plaat. Ik vergelijk het vaak met schilderen: je heb schilders die onmiddellijk op doek starten en je hebt er die eerst studies en schetsen maken. Ik ben meer van het tweede soort. Tevens ben ik ook altijd op zoek naar manieren om elke plaat net iets anders te laten klinken. De eerste was heel ingetogen en de nieuwe heeft een meer dansbare vibe. Wat ook wel leuk is om live te spelen en doordat ze goed ontvangen wordt, kunnen we dat gelukkig ook veel doen. Dat gezegd zijnde: ik denk dat de songs voor een nieuwe plaat voor 2/3e al zijn.

Gerrit: Wij hebben een mooi parcours afgelegd met de laatste plaat. Shows op Vestrock, in de Botanique, Reflektor in Luik, de support van Brian Jonestown Massacre in Trix – nota bene op vraag van die band zelf… Ik heb ondertussen een nieuwe plaat bij elkaar geschreven. Ben er heel enthousiast over, maar toch voel ik een aarzeling om de volgende stap te zetten. Ik werk de songs tegenwoordig thuis al vrij volledig uit. Ik vind het fijn om de band een moodboard mee te kunnen geven. Mijn nieuwe songs vind ik mijn beste, maar ze zijn niet zo radiovriendelijk als de nummers op onze laatste plaat ‘Heartbreak Hi’. Ze zouden het kunnen worden, maar ik denk er nog over na of dat wel hoeft. Haha… Om de zoveel tijd het hoofd eens vrij maken als songwriter is ook niet slecht, denk ik.
Johan: Ik werk ook demo’s vrij volledig uit. Meestal zet ik er alle verschillende partijen al op, niet dat die dwingend zijn – daar ben ik een te gemiddelde muzikant voor en mijn bandleden doen dat veel beter – maar om een richting aan te geven, ik kan dat altijd nogal moeilijk uitleggen dus is het voor mij handiger om opnames te laten horen. Sinds ik met Ableton heb leren werken, ben ik veel productiever en kan ik ook beter met andere muzikanten werken, heb ik het gevoel. Het vereenvoudigt communicatie. Ik moet zo’n t-shirt laten maken met “Ableton saved my life” 😊

Gerrit: Jij bent wel een bodemloos vat inspiratie hé. Wardrobe, zo goed als elk jaar een nieuwe plaat, jouw Expats-project (covers van bekende nummers door de crème de la créme van de Belgische scene nvdr), jullie Sparklehorse tribute-band (Glitterpaard nvdr)… Ik heb mijn songs voor de volgende LVE-plaat geschreven en songs gemaakt voor een nieuw project met Robin Aerts van Het Zesde Metaal. Maar met verschillende dingen tegelijk bezig zijn vind ik best moeilijk. Als ik me teveel op één ding focus dan word ik obsessief
Ik zit altijd zo diep in de ‘zone’ als ik schrijf, ik kan me daar dan moeilijk van loskoppelen en aan het volgende beginnen. Maar jij kan best veel projecten tegelijk aan hé?

Johan: Goh het is zoeken, maar ik vind dat soms ook verlichtend. Als ik me te veel op één ding focus, word ik obsessief en dan verliezen de songs meestal hun frisheid en worden ze te doordacht. Ik ben in alles een beetje een veelvraat. Ik lees ook altijd boeken door elkaar en ben met alles tegelijk bezig. Het hoort een beetje bij mijn chaotische karakter, vrees ik. 

Johan: Hey gingen wij trouwens geen nummer van elkaar coveren? Ik vind die Milky Sea van jullie echt een prachtig nummer.
Gerrit:  Ah ja. Wij willen ook altijd zoveel doen, en ik heb net gezegd dat ik niet zoveel tegelijk aankan! Ik weet welk nummer van Wardrobe ik wil doen: King Of Clay. Prachtig vind ik dat nummer. Ik wou dat ik het geschreven had. En ja, we moeten dat doen. Ik vind kruisbestuivingen tussen bands altijd tof. Vroeger zag je dat meer – in de 60ies was het zo goed als de norm dat muzikanten van andere bands mee kwamen jammen. Ook in de 90ies zag je dat regelmatig. Maar nu is alles wel heel strak geworden.
Johan: En dan spring ik dus mee op het podium bij jullie shows? Afgesproken. Jij hebt toch gitaren genoeg. 

Gerrit: Ik ben trouwens benieuwd hoe me dat afgaat, in Delft. Want dan speel ik toch ook mee bij jullie hé? Twee show op een avond, na elkaar. Ik denk dat ik de dag ervoor dan maar eens op tijd ga slapen.
Johan: Doe dat, want anders lig je eruit.

Verder Bericht

Vorige Bericht

Laat een reactie achter

© 2019 CHAOS Music Magazine

Thema door Anders Norén