Het online magazine voor eigenwijze muziek

The Guru Guru – Point Fingers

Tekst: Dennis de Waard

Noiserockers The Guru Guru uit het Belgische gedeelte van  Limburg  (noiserockhoofdstad Luik om precies te zijn) zijn terug met hun tweede studioalbum Point Fingers. Een opluchting voor liefhebbers, een vrees voor menig stel trommelvliezen. De band had op de eerste plaat lak aan hokjes, volumerestricties en songstructuren. Het is afwachten wat we  nu weer voorgeschoteld gaan krijgen.

Het is even slikken bij opener ‘Mache’. Het nummer opent rustig, te rustig voor ons genoegen. De song is bijna radiovriendelijk te noemen. Is The Guru Guru gevallen voor het Grote Geld? Zo rond de twee minuten in het nummer bekruipt ons het gevoel dat we in de zeik worden genomen. De zanglijn neemt een vorm aan waar labelgenoten It It Anita zo bekend om staan: semi-spoken word met de toonhoogtes wisselend per lettergreep. Op driekwart van de track neemt de drummer de leiding en wordt het gaspedaal ingetrapt en vliegen de gitaren ons weer als vanouds om de oren. Je zou er bijna om moeten lachen. The Guru Guru die je de eerste minuten op een dwaalspoor zet, we hadden het moeten weten. ‘Chramer’ is een The Guru Guru zoals we van hen gewend zijn: bulderend, noisy, en gek tegen het ongemakkelijke aan. De wilde riff aan het begin, de dansbaarheid van de drums en basgitaar de zanger die er haast manisch “WIRE! COPPER! TINFOIL!” overheen brult, het zijn allemaal ingrediënten voor de chaotische mix die toch duidelijk te volgen is. Er gebeurt zoveel tegelijk, dat er elke luisterbeurt weer nieuwe dingen te ontdekken zijn.

De eerste twee tracks achter elkaar geeft al meteen een goed beeld van hoe The Guru Guru is ontwikkeld op de tweede plaat: de band duikt niet meer halsoverkop in noise om te zien wat er met gitaargeweld raakt en wat niet, maar neemt meer de tijd om de nummers rustig op te bouwen, de druk op te voeren en pas later een explosie van noise-geweld los te laten. Dat meer de tijd nemen geeft de band, maar ook de luisteraar, de tijd om op adem te komen. De lang uitgesponnen outro van ‘Know No’ en het akoestische ‘And I’m Singing Aren’t I’ zijn hier goede voorbeelden van. Die langzame opbouw van afsluiter ‘Poverbrigade’ en de uiteindelijke genadeklap van het album is werkelijk fantastisch. Point Fingers heeft een gevoel van meer balans, iets wat de band nodig had en ook siert. Het album is kort en krachtig en heeft in de korte tijd ruimte gevonden voor een meer volwassen geluid. Point Fingers was het lange wachten waard en laat The Guru Guru zien op hun best. De band komt deze zomer naar Nederland en heeft met dit album de beste uitnodiging naar hun shows gegeven die je je kan bedenken.

© 2020 CHAOS Music Magazine

Thema door Anders Norén